26 -27 mei Wandelingen in het Varangerhalvøja National Park

Omdat we donderdag 26 mei pas 's middags kunnen vertrekken naar het Varangerhalvøja National Park voor onze voorgenomen wandeling en het weer ons niet helemaal gunstig gezind lijkt, beluiten er eerst maar een verkennende wandeling te maken. Onderweg worden we opgehouden door onze wens opnieuw zeearenden te zien. Op onze tocht naar Vardø zagen we immers  veel van deze majestueuze vogels. Intussen weten we dat het inderdaad zeearenden zijn. Ik draag zelfs minder kleur om minder zichtbaar te zijn als ik uit de auto stap om ze te fotograferen.. Ik heb mijn rode wandeljasje thuisgelaten en een donkere sweater met capuchon aangedaan. Zou het wat uitmaken?
Op de E75 naar het noordoosten zien we beduidend minder vogels dan twee weken geleden, maar we kunnen er toch een paar spotten. De foto's hieronder zijn minder indrukwekkend dan die van de meeste vogelaars die hier komen fotograferen. Wij hebben niet zo'n enorme 'toeter' op onze camera én minder eeuwigdurend geduld.
Ook zonder veel zeearenden is de weg langs de kust prachtige: de altijd aanwezige zee, de mooie dorpjes die we passeren, het ruige, rotsachtige land daarachter. Alle keren dat we hier rijden word ik geraakt door de schoonheid van het landschap.
We rijden naar het begin van de wandelroute over een bijzonder slecht gravelpad vol kuilen en gaten en maken een korte wandeling om de zien hoeveel sneeuw en nattigheid er is.
De zon weer komt weer door en we besteden de rest van de middag aan de kust om te tekenen en te relaxen.
De volgende dag gaan we vroeg op pad en lopen het Komagdalen Bird Trail; een prachtige route die ons door een bijzonder ruig en verlaten landschap voert. Hier en daar moeten we door riviertjes waden of over sneeuwvelden lopen, maar het grootste deel van het pad is goed begaanbaar en de uitzichten over de toendra zijn weids. Deze biotoop geeft zo'n andere beleving dan de kustlijn, die trouwens meestal nog zichtbaar blijft. Voor Kaija, geboren in Lapland, is deze omgeving bijna jeugdsentiment, voor mij een volkomen nieuwe ervaring van ruimte en oerlandschap.
We zien enkele wilde zwanen die volop aan het baltsen zijn en een paartje sneeuwhoenen waarvan het vrouwtje veel gedekter is dan het mannetje maar wel dezelfde roodoranje wenkbrauwen heeft. De zomerhutten/huizen die we langs de rand van het park tegenkomen, schijnen hier veelal in de weekenden en vakanties voor vissport (er zit veel vis in de rivieren en meren op het plateau) en jacht (onder andere op deze vogels) gebruikt te worden.
Een eenzame regenwulp, die ik al hoor vóór ik 'm zie, blijkt aanzienlijk minder schuw dan ik verwacht, en blijft braaf een tijdje voor me poseren.
De Barentszee heeft een grote aantrekkingskracht op me en terug aan de kust zucht ik bij het uitzicht naar de horizon en het prachtige licht over de zee.

 

On Thursday May 26 we set off late for our intended walk in the Varangerhalvøja National Park. The weather does not seem favourable, so we decide to just do an exploratory walk. Along the way we stop frequently because we are eager to see the white tailed eagles again. On our trip to Vardø we saw many of these majestic birds. I dressed less colourful this morning to be less visible,  I left my red hiking jacket at home and I am wearing a dark hoodie. Will it make any difference for the birds?
Following the E75 in a northeastern direction we see significantly less eagles than we did two weeks ago, we only spot a few. The pictures I take, are less impressive than those of most birdwatchers over here. We do not have such an impressive 'tele' on our camera and also less everlasting patience. Even without seeing as many eagles, the road along the coast is wonderful: the eternal sea, the beautiful villages we pass, the rough and rocky country behind them. As always when driving here, I am touched by the beauty of the landscape.
We drive up to the beginning of a hiking path. It‘s a gravelpath full of pits and holes. We go for a short walk to see how much snow and water there is on the path.
The rest of the afternoon we spend on the coast drawing and relaxing.
The next day we start early on the Komagdalen Bird Trail: a beautiful route that leads us through a particularly rough and deserted landscape. Here and there we have to wade through rivers or across snowfields, but most of the path is well accessible and the views on the tundra are wide and panoramic. This biotope makes for such a different experience compared to the one on the coastline, which, by the way, almost always remains visible. For Kaija, born in Lapland, this environment is more familiar, for me it’s a completely new experience of space in a primeval landscape.

We see some whooper swans that are starting their courtship and a willow grouse couple, of which the female is far more demure than the male but has the same red/orange eyebrows. The summer cabins/houses at the edge of the park are mostly for people who like to fish, hunt (also on these grouse, we have been told), and spend their holidays/weekends out in the open.
A lonely curlew, at first I only hear him, turns out to be considerably less shy than I expected, and remains posing for a while. You can't avoid becoming a bit of a birdwatcher being here…
For me the Barents Sea is the major subject of adoration. And as we drive back along the coast wit, again, the enduring view of the sea, it’s horizon and the special soft light, I can't suppress a sigh.